Oekraïne, Odessa, Krim, Odessa.
Reisverslag van een solofietstocht door de Krim. Landschappelijk niet de
mooiste tocht, maar de mensen..............als eenmaal het (oude
communistische) schild gebroken is. Zijn het de meest behulpzame,
vriendelijke en gulle mensen. Ook het land waar ik voor het eerst door een
dronkelap tegen de grond geslagen ben.
Wim Leeuw
Maandag 22 augustus 2005 | Düsseldorf – Odessa
|
Düsseldorf Wenen. Wegens harde regenwinden mogen we nog niet in Wenen
landen. We vliegen al schommelend nog een stukje door. Gelukkig heb ik
overstap tijd genoeg. Een kwartiertje later staan we in de stromende regen
weer aan de grond. Weer een paar uur later in de stralende zon op het
vliegveld van Odessa. 25 graden.
Mijn fiets wordt als eerste naar binnen gebracht, niet veel later de
fietsentassen. Op het eerste gezicht, alles in orde.
Bij de douane niet gelijk in de rij gaan staan, maar er tegenover eerst een
immigratie formulier invullen. Bij de bagagecontrole wordt, nadat ik zeg dat
ik uit Nederland kom, me alleen gevraagd of ik van marihuana hou. Wil hij
kopen of is dit een valstrik? Neen, zeg ik, ik ben een sportmens, dan mag ik
verder. Toch is dit de enige luchthaven, die ik ken, waar gecontroleerd
wordt of je je eigen bagage mee naar buiten neemt. Nog nooit meegemaakt.
Buiten wacht de taxi die me naar het hotel brengt.
Odessa is een vreemde gevaarlijke fietsstad. Gebruikte en ongebruikte
tramrails kris kras over de wegen en kruispunten. Bij een bocht stapt de
trambestuurder uit en wringt met een koevoet de wissel in de richting die
hij gaan wil.
Uit de vele pinautomaten kun je Euro’s, Amerikaanse dollars en Hryvna’s
halen.
Het eerste bier dat me aangeboden wordt is Heineken. Dat sla ik natuurlijk
af en vraag een Oekraïens bier. Smaakt zeer goed.
Vreemd. ’s Morgens sta je in een wereld die Düsseldorf heet, die je kent.
Dan reis je, en komt in een ‘vreemde’ wereld. Vreemd? In de (grote) stad
Odessa is het niet veel anders dan in ‘onze’ grote steden. De achterbuurten
zijn misschien wat meer vervallen. Verder voel ik me hier in het centrum
gelijk thuis. Terrasje, winkelstraat, boulevard. Odessa is één van de
toeristencentra van de Oekraïne.
De rokjes en broekjes van de dames nog iets korter. De boezem nog iets
prompter en voller. Ze lopen parmantig wetend dat ze mooi zijn en bekeken
worden, maar doen alsof ze niemand zien. Ziet er zeer smakelijk uit.
Als ik na het bier een fles wijn bestel, kijkt de ober me vreemd aan. You
drink wine? Yes, Please? Georgia Wine. Russisch? Ik weet het niet, afwachten
maar. Als voorafje erwtensoep in een kom van een grote aardappel. Je mag de
kom er bij opeten. Ik beperk me tot de zachte binnenkant. Lekker.
Dinsdag 23 augustus 2005 | Odessa
|
Het centrum verlatend heb ik al 15 kilometer onder de wielen als ik het
bord einde Odessa zie.
Even een proeftochtje gemaakt. Over in de lengte
liggende afwaterroosters hoef je je hier geen zorgen te maken. Ze zijn er
eenvoudigweg niet meer. Diepe, tot een halve meter in het vierkant, groten
gaten gapen je aan. Toch is het erg verleidelijk om zo rechts mogelijk te
rijden met al dat drukke verkeer. Veel voorbij razende vrachtauto's, geen
enkele fietser. Zeer goed uitkijken! Bloedheet en stinkende uitlaatgassen
Hoewel het hier niet goedkoop is, heb ik voor de laatste dag toch weer
hetzelfde hotel geboekt. Met een beetje gebabbel krijg ik 20 dollar korting.
Het hotel ligt midden in het centrum, vlak aan de Zwarte Zee kust. Honderd
meter van de ‘beroemde’ Potemkim trappen. Bekend uit de klassieke film “ The
battleship Potemkim”
Honderden toeristen beklimmen de 192 treden. Niet lang meer, er naast wordt
een treintje aangelegd. (Wanneer ik 2 weken later terug ben, is de trein al
in bedrijf). Als ik de trap voor het eerst zie, bemerk ik iets vreemds, maar
weet niet wat. Later lees ik dat de trap als een ‘illusie’ is gebouwd. De
onderste treden zijn breder dan boven. Het lijkt daarom dat de trap overal
even breed is.
Woensdag 24 augustus 2005 | Odessa – Mykolayiv (140 km)
|
Lange inspannende dag, zeker als je een vlakke weg verwacht.
En dan geconfronteerd wordt met veel vals plat en heuveltje op en af. De weg
is niet goed en niet slecht. Niet slecht omdat er overal asfalt ligt. Niet
goed, omdat het asfalt overal wel tig maal gerepareerd is, dit met grote
rillen aan de zijden. Waarop ik me als enige fietser rijdende probeer te
houden. Ze rijden als idioten. Vrachtauto’s toeteren, als er ruimte is ga ik
aan de kant, zo niet dan remmen ze wel.
Veel gedenktekens van
verkeersslachtoffers langs de kant van de weg. Heel veel.
Een vrachtauto uit tegenovergestelde richting staat half op mijn weghelft.
Ongeluk, niets te zien. Als ik er vlak naast ben zie ik, denk ik, een
uitgebrande motor of bromfiets liggen. Een teenslipper als stille getuige
twee meter verder.
Onderweg saai, wel veel te zien, maar lange tijd hetzelfde. Zonnebloemen in
volle glorie of uitgebloeid, kilometers lang. Glad geschoren korenvelden,
rijen notenbomen in de berm. Langs de kant van de weg wordt veel fruit door
de boeren verkocht. Tomaten, aardappelen, uien, rode, witte druiven, perziken
en watermeloenen in overvloed.
Ik zoek naar het Continental Hotel, vraag enkele keren, maar we verstaan
elkaar niet, vind een ander hotel. Mooie kamer voor 32 Euro. Duur voor hier,
maar ik heb geen zin om verder te zoeken. Vlak naast het centrum, waar het
groot feest is. Onafhankelijkheidsdag. In 1991 werd Oekraïne op 24 augustus
onafhankelijk van Rusland, nu een nationale feestdag.
Het Cyrillisch kan ik een beetje lezen, maar er zijn meerdere manieren om
het naar het Latijn te vertalen. Dan is er ook nog een verschil in het
Oekraïense en Russische Cyrillisch. Zal toch maar de beide woorden voor
hotel en pension in Oekraïens en Russisch op een papiertje zetten. (Dit
papiertje heeft me de gehele vakantie door, goed geholpen.
Zes uur, het feest begint nu pas echt op gang te komen. De dames paraderen
parmantig door de overvolle hoofdstraat. De jongens daarbij vergeleken lopen
er wat slonzig bij. Fles bier of wodka in de hand.
Mykolayiv, een stad met een half miljoen inwoners, waarvan het merendeel nu
werkeloos is. Bij de onafhankelijkheid werden de vele door de Russen
gebouwde scheepswerven gesloten. Volgend de travel guide een middelpunt van
de harddrug handel EN het punt waar Aids het land binnenkomt.
Donderdag 25 augustus 2005 | Mykolaiv – Nova Kakhova (170 km)
|
Kapot. Blij dat ik ergens een hotel gevonden heb. Viermaal gevraagd, de
vijfde keer neemt een jongen op een fiets me mee. Dit hotel had ik zelf
nooit gevonden. Een echt oud smerig Russisch hotel. Voor ongeveer 10 Euro,
nog veel te veel, dat heb je nu eenmaal als je buitenlander bent. Maar wel
hebben ze hier warm water.
Vanmorgen om 11 uur staan twijfelen, om al een hotel te nemen. Neen te
vroeg, nog even verder. Nog 70 kilometer.
De gehele dag in de verte inktzwarte met bliksemflitsen verlichte wolken.
Afgezien van een half uur miezer regen geen grote buien op mijn kop gehad.
Het heeft wel op veel plaatsen goed geregend, de akkers staan blank, grote
plassen op de weg. Extra gevaarlijk, je kunt nu niet meer zien of er een gat
in de weg zit.
Langs de Dnepr voor het eerst aangenaam vlak boslandschap. Afgewisseld met
akkers. Ook hier weer drukke handel. Lada’s, achterbank eruit en de tomaten
of meloenen tot bovenaan de achterruit opgestapeld. Ik wil niet zien wat er
gebeurt als deze plotseling moet remmen.
Vrijdag 26 augustus 2005 | Nova Kakhova – Henisches’k (152 km)
|
Gebeurt me niet vaak, maar vandaag heb ik vele malen de fiets
in de bosjes willen flikkeren. Bosjes?
Was er maar wat te zien, één lange
rechte saaie weg. Een kruising, een zonnebloemveld zijn een aangename
afwisseling. 152 kilometer ’t is te ver (voor mij) in dit kokende warme
weer. De laatste twee uur wordt ik ook nog getrakteerd op een fikse wind,
recht op de snuit.
Ik ben nu aan de zee van Aznov. De strijkkamer was nog vrij in een klein
hotelletje aan het strand. Blijf hier twee nachten. Even op adem komen. Dan
naar het zuiden, De Krim. Er zijn hier aan de kust meerdere pensioenentjes “Komhata”.
Moet ik ook eens proberen.
25 tot 30 gaden was het enige wat ik van het journaal begrepen heb. Een
droge hitte.
Ik eet nu een aangename pittige soep, Salanka, afgekeken van twee jonge
mannen, die jammer genoeg geen Engels spreken, maar wel graag willen praten.
Elke keer als ik ze de volgende dag tegen kom wordt me de hand geschud.
Net een Duits sprekende dame getroffen, die me vanavond de menukaart
vertaalt. Ze adviseert de steak. Nu ben ik niet zo’n vlees eter (meer). Maar
deze steak smaakt voortreffelijk.
Ook hier heeft de GSM terreur in volle hevigheid toegeslagen. Toch heeft de
Oekraïner de aangename beleefdheid het gesprek even weg van het gezelschap
te voeren.
Ik spreek (nog) geen woord Russisch of Oekraïens, heb er geen gevoel voor,
vergeet de woorden weer heel snel. Behalve Pivov (bier), maar dat spreken ze
100 kilometer verder ook weer anders uit. Fijn dat er een universele gebaren
taal is. Overal op de wereld, waar ik was, heb ik gekregen wat ik wilde. Dit
zonder de taal te spreken. En. Met een glimlach kom je heel ver.
De Oekraïense strandcultuur verschilt niet veel van de onze. Verbranden,
eten, zuipen, dansen en soeveniers zoeken. Wel zijn er veel kermis
attracties voor jong en oud op het strand.
De Zwarte Zee heeft voor mijn zo-even een ander (bij)betekenis gekregen. Ik
lees dat de stront en andere ongerechtigheden ongezuiverd in zee geloosd
worden.
Zaterdag 27 augustus 2005 | Henisches’k
|
Het wordt steeds leuker als je geen Oekraïens spreekt. Ze slepen me de
keuken in en laten me in alle pannen en potten kijken. Dikke soepen voor het
ontbijt lijkt me een beetje te veel van het goede. In Oekraïne kent men niet
echt een verschil tussen ontbijt, lunch en diner. Men eet gewoon een beetje
meer van het een of het andere. De kinderen eten om 9 uur al een sorbet. Ik
kies eieren met brood, 2 maal.
Ik sleep weer een hoop Amerikaanse dollars mee. De Oekraïner geeft echter de
voorkeur aan zijn eigen geld, de Hryvna. Ze geven nog wel vaak de prijs in
dollars aan. Toch een goed teken dat een land (weer) een goed vertouwen in
haar eigen munteenheid heeft.
Op het strand is het stervensdruk en heet. Na een uurtje heb ik er wel
genoeg van.
Interessant de gebruiken van ander landen te mogen ervaren. Wist u dat veel
Oekraïners (nog) staande zonnen. Als een pilaar, als een mediterende monnik,
soms met de handen omhoog staan ze doodstil op het strand.
Er lopen veel
verkoopsters rond, in het geheel niet opdringerig. Ze hebben klanten genoeg.
Ze verkopen brood, gedroogde vis, bier en iets zoets wat zwermen vliegen met
zich meebrengt. De badgasten eten er niet minder om.
In een strandtent, een halve liter bier voor 40 cent. Velen halen het bier
in de winkel, nog goedkoper. Ik zelf ben niet zo’n budget reiziger, maar als
je wilt kun je voor ongeveer 15 Euro, inclusief overnachting, per dag zeer
goed rondkomen.
Bij een oud vrouwtje koop ik gebrande zonnebloempitten. Vraag of ik een foto
van haar mag maken. Ja. Het wisselgeld wil ik haar als fooi geven. Ik laat
haar de foto zien. Breed lachend kijkt ze zichzelf aan. Ik loop weg, maar
wordt terug geroepen. Het wisselgeld moet ik terugnemen. Ondanks de armoede
van de oudjes blijven ze hun trots behouden. Met de onafhankelijkheid
verloren de oudjes in één klap hun toch al karig Russisch pensioentje. Velen
lopen de vuilnisbakken af.
Zondag 28 augustus 2005 | Heniches’k – Soviets’kyi (153 km)
|
Not exactly THE place to be. Een wegrestaurant/motel ergens onderweg naar
Feodesiia. In the middle of nowhere.
Net als ik voor mezelf besloten heb niet meer dan 100 kilometer per dag te
fietsen ‘ontbreken’ er twee hotels. Op de detailkaart van de Krim die ik in
Odessa gekocht heb staan ze netjes ingetekend.
Maar in beide dorpen weet
niemand, na herhaald vragen, mij een slaapplaats te wijzen. Ik wordt nog
even naar een roze (!?) huis verwezen. Het blijkt een café te zijn. De nors
kijkt nog norser als ik het slaapteken maak. Misschien denkt ze wel dat ik
met haar slapen wil, realiseer ik me later.
Dan nog maar 90 kilometer verder. Het is bloedheet, gelukkig heb ik de wind
nu achter. Bij een tankstation ‘ontdek’ ik een hotel.
Heel nette kamers met
douche en toilet op de kamer. Beter dan nog eens 60 kilometer in 30 graden
hitte fietsen.
Onderweg bij een soort tol betaal plaats word ik eerst streng aangehouden.
Dan beginnen ze te lachen. Ik vertel waar ik vandaan en waar ik naar toe ga.
Dan beginnen ze nog harder te lachen. De 10 kopeken tol ( 2 cent) hoef ik
niet te betalen.
Ben nu op de Krim het landschap is iets gevarieerder. Met schrik zie ik in
de verte de bergen, vandaag nog? Gelukkig nu dit motel.
Wat ik niet wilde is toch gebeurd; Wodka drinken met een stel bezopen
Oekraïners. Ik hou het zelf zoveel mogelijk bij bier. Dan moet er een wodka
op Oekraïne gedronken worden, ook mij wordt een glad voorgezet. Kom laat je
niet kennen, ik sla het glas in eenmaal achterover.
Dat hadden ze niet
verwacht. Een tweede glas moet op de Krim gedronken worden, ook deze gaat in
eenmaal achterover. Één persoon wordt agressief en handtastelijk. Een ander
neemt me mee naar binnen. Daar eten we schaslik met uien en drinken nog wat.
Komt opeens de agressieveling ook naar binnen, wil me meenemen naar buiten.
Ik zeg pertinent nee. Een arm heeft hij om me heen geslagen om me mee te
nemen. Opeens krijg ik met de andere hand een klap in mijn nek. Ik val op de
grond. Zelf niet dronken, maar ook niet geheel nuchter. De bediending en
bewaking komen gelijk aanlopen en helpen mij. De ‘vijand’ is inmiddels naar
buiten afgevoerd. Dit is ook Oekraïne. Een beetje hardhandige manier om de
gebruiken van een land te leren kennen.
Joeri Alexejewitsj Gagarin Waarom dit gedenkteken hier staat weet ik (nog) niet.
Maandag 29 augustus 2005 | Soviets’kyi – Scholkine (113 km)
|
Nog geen vijf minuten in Scholkine en ik heb al een plastic beker wijn
achter de kiezen. Twee jongens, die ik vraag waar ik een hotel kan vinden,
zeggen 10 meter verder. En bieden me wijn aan; meedoen met de gebruiken van
het land?
Gisteravond een beetje uit de hand gelopen, maar agressieve dronkaards heb
je overal. Vanmorgen sta ik op mijn pijn in mijn kont. Deze keer niet van
het fietsen, maar van de val na de klap.
Om vijf uur bromt de wekker. Voor zes zit ik op de fiets, de zon rood boven
de horizon, een beetje fris.
Na 50 kilometer over de hoofdweg ga ik zo’n 40 kilometer over een zandweg
langs een irrigatie kanaal. Zwaar, wind tegen, maar mooi en rustig. Voor
Scholkine fiets ik door een Ja-knikkers-olieveld. Zeer, zeer langzaam pompen
ze de olie op. Staan waarschijnlijk nog afgesteld op de Russische
bureaucratie.
Het hotel is een zeer oude Russische flat. Tweemal niets, de prijs is er ook
naar, 5 dollar. Maar wel met complete gedeelde keuken.
Ik heb een Russisch woordenboek, maar in de keuken kijken en zien hoe de
meest Oekraïners toch zeker hun best doen het de toerist naar zijn / haar
wil te maken is veel leuker dan Russisch leren. Nu toch het woordenboek
erbij gehaald. De vriendelijk lachende bedienster hangt met haar grote
uitpuilende borsten over de tafel om mee te kunnen lezen. Samen komen we tot
een keuze. Nu nog even wachten of het werkelijk is wat ik verwacht. Het
smaakt, maar het is vreselijk VET.
Dinsdag 30 augustus 2005 | Scholkine – Fedesiia (78 km)
|
Vandaag niet zo mijn dag. Ten oosten van Scholkine ligt een meer. Ik wil
rond het meer fietsen. Er schijnen daar vele soorten mooie vogels te zien te
zijn. Na een paar maal te vaak rechtsaf over onduidelijke zandwegen, bevind
ik me na een uur weer vlakbij Scholkine.
Ik kom uit op een groot, verlaten fabrieksterrein. Waarop in het midden een
niet afgebouwde kernreactor, type Chernobyl. Een imposant groot terrein met
even imposante, ook niet afgebouwde andere fabriekscomplexen. De bouw is
gestopt na het ongeluk in Chernobyl. Wist u dat Chernobyl nu een
toeristische attractie is. Even ten noorden van Kiev, nog in de Oekraïne,
een leuke erfenis van de Russen, is het complex met begeleide dagexcursies
te bezoeken.
Feodesiia, 3 meter achter mij vertrekt de trein van het station. De drukke
boulevard, het nog drukkere strand zijn gescheiden door de spoorrails. De
stranden zijn smal. De mensen liggen of staan hier op het stadsstrand kont
aan kont.
Over kont gesproken. Al enige dagen heb ik last van, denk ik een ontstoken
haarvat. Inmiddels is het een erwt geworden, die bij het fietsen tussen het
zadel en rechter zitbeen heen en weer rolt. Zeer onaangenaam. Vandaag dus
maar 80 kilometer. Genoeg geweeklaag, maar moest het even kwijt.
In Feodesiia heb ik het beste hotel genomen. Tienmaal zo duur als gisteren,
maar ook veel beter. Vanmorgen de grote boodschap, gereed, op het
gezamenlijke toilet geen water aanwezig. Ik wil weer vroeg vertrekken, is
het kantoor pas om 8 uur open. Maak genoeg lawaai om de mevrouw te wekken,
zodat ze mij mijn fiets kan geven.
In de Krim is het in de zomer aan het strand bijna 24 uur per dag feest. Tot
diep in de nacht wordt er (voornamelijk) gezopen op straat. Luide muziek.
Dan heel even rust om de straatveegsters, nog in het half duister, de kans
te geven de boel weer op te ruimen. Zodra de zon weer schijnt wandelen
mannen en vrouwen weer met de bierfles.
Woensdag 31 augustus 2005 | Feodesiia – Mors’ke (79 km)
|
Er zijn van die bergen waar je na twintig keer denkt, ben ik nu nog niet
boven. Dan de dertigste bocht, de top. De zuidkant van de Krim is erg
afwisselend. Ik loop veel de heuvels op en raas dan een uur ( of langer)
later de heuvel weer af. Bergen, het zij nog steeds niet mijn lievelingen.
Het heuvellandschap ziet er niet slecht uit, maar zo mooi is het nu ook weer
niet.
Na vijf maal doornat van het zweet een heuvelrug overgestoken (en weer
opgedroogd) te zijn heb ik er genoeg van. Mijn knieën wegeren.
In Mors’ke is een resort, op de heuvel denk ik. Ik heb geen zin meer om te
klimmen.
Klop aan bij een pension. Mevrouw wil de kamer alleen voor drie nachten
verhuren, ik wil er maar één. Vraag haar hoeveel ze dan voor één nacht wil
hebben. Dan een onduidelijk gesprek, zij spreekt van 2 uur. Haar zoontje van
ongeveer 12 spreekt een beetje Engels, Ik zeg dat ik morgen om 6 uur weer
vertrek. Neen dat wil ze niet.
Om een lang verhaal kort te maken, zij dacht dat ik morgen om 6 uur in de
avond wilde vertrekken en ik bedoelde 6 uur in de ochtend. Morgen op 2 uur
komen er weer andere gasten. Ze heeft het druk, in de tijd dat wij staan te
praten komen er nog twee stellen kijken.
Ik betaal 10 dollar. Nette kamer. Nette douche en toilet. Ze staan alleen
halverwege de tuin.
Donderdag 1 september 2005 | Mors’ke – Yalta (76 km)
|
Het leven van een fietser gaat niet over rozen, over asfalt, als hij geluk
heeft.
Een rotdag. De zon schijnt. Ik fiets langs de Zwarte zee. Zee, 8 uur
gefietst en de zee een half uurtje gezien. Bergje op en bergje af. Ik loop
meer dan ik fiets. Heb nu de blaren op mijn voeten. De route waar ik het
meest van verwacht had is moordend. Het landschap niet slecht voor iemand
die op de poesta woont. De weg naar Alushta is erg rustig, dat is tenminste
een leuke meevaller. Na Aluhsta de hoofdweg erg druk. Begint direct na de
stad met een beklimming van een uur.
Dit is geen vakantie meer. Ik besluit te liften. Een beetje moeilijk met een
fiets. Liften is in Oekraïne niet ongebruikelijk. Alleen de chauffeur
verwacht wel een (kleine) betaling.
Na een uur stopt er eindelijk een kleine truck, fiets er achterin. Daar gaan
we. Hij is een Rus, blijft maar praten, ik versta er geen jota van. Als ik
een woordje herken, spreek ik het hardop na. Verder laat ik hem maar praten.
Er zijn nog veel heuvels, ik ben erg blij met deze lift. Voor het instappen
heb ik gevraagd hoeveel het zou gaan kosten. Heb er echter niets van
verstaan. Ook goed, ben al lang blij met de lift. Ook hij moet in het
centrum van Yalta zijn. Als de fiets uitgeladen is bied ik hem geld aan.
Neen wil hij niet. Schud hem stevig de hand. Wil hen als cadeautje, een
klein zaklantaarntje geven, ook dit weigert hij pertinent. En wij maar
denken dat de Russen slecht zijn ;>).
Vanmorgen begon zeer goed, Ik heb het hurktoilet goed overleefd. En pak nu
fietstassen op de fiets. Mamuska (grootmoeder) de pensionhoudster komt me in
haar ochtendjas nog even uitzwaaien. Pa brengt een CD met zijn adres, hij
wil graag de foto’s die ik gisteravond van Mamuska en haar kleindochter
gemaakt heb. Zal ik opsturen. Mamuska loopt mee tot het hek, even heb ik het
gevoel dat ze me nog een knuffel wil meegeven. Ze blijven aan de poort
zwaaien.
Gisteravond zit ik op een rustig plaatsje in de tuin mijn tanden te flossen.
Mamuska komt erbij zitten. Later ook haar kleinkind dat een beetje Engels
spreekt. Daarna ook Pa, hij is een vervent internetter en heeft dan ook al
snel mijn site gevonden. Het automatisch overzetten naar het Cyrillisch gaat
niet al te goed, maar de titel “Live to Ride, Ride to Live” spreekt mamuska
wel aan.
De moeder van het kleinkind is in Korea. Waarom, kan ik niet verstaan.
Mamuska wil weten hoe oud ik ben, zelf is ze 57. De zaken gaan alleen in
juni, juli en augustus goed. Daarna geen gasten. Pa is metselaar.
(Mijn voorgaande woorden, dat het landschap niet zo bijzonder is, moet ik
toch zeer sterk afzwakken. Op de CD van pa staan honderden prachtige natuur
foto’s van wonderschone landschappen, gemaakt tijdens wandelingen in de
bergen. Het is maar van welke kant je de dingen bekijkt)
Yalta, als de Russen toestemming kregen, om met vakantie te gaan, dan was
Yalta één van de verplichte bestemmingen. Nu het niet meer verplicht is, is
het nog steeds erg geliefd. Al zal Lenin zich al wel enige malen in zijn
graf omgedraaid hebben omdat, hij, voordat hij de zee kan zien eerste een
grote MacDonald voor zijn neus krijgt.
Hoe hoger de hotelprijzen, hoe lager de (echte) (gast) vriendelijkheid. Het
hotel in Yalta heeft alles, met een (overigens goede) bediening die uit is
op een fooi. Mamuska een gat in de grond om te schijten, maar wel
vriendelijkheid en aandacht, ook voor haar eendagsgasten.
Vandaag de eerste fietsers, zonder fiets, ontmoet. Een Engelse man en vrouw.
Met een tandem van Engeland naar Odessa gefietst. Nu even per trein een
reisje op de Krim. Vertrekken volgende week per boot van Odessa naar
Instanbul en vandaar weer terug naar Engeland. Hebben al 3500 kilometer
gefietst op de tandem met aanhanger. Gaat goed volgens de man. Vaal wel met
maar 5 kilometer per uur de berg op, wat lopen met de tandem de berg op is
onmogelijk. Ook zij hebben zeer veel vriendelijkheid bij de Oekraïense
bevolking ontmoet.
Vrijdag 2 september 2005 | Yalta
|
Aan het zeer uitgebreide ontbijt, zalm, haring,
eieren, fruit, groeten, soepen…….
Rechts de Engelsen waarmee ik fietservaringen deel. Links een Duits gezin
dat ik kort in Feodesiia ontmoet heb. Dan even samen, switchen tussen en
Engels en Duits is voor mij nog steeds erg moeilijk.
De scholen beginnen hier weer in september en wel precies op 1 september.
Keurig geklede jongens en meisjes, de meisjes met grote witte strikken in
het haar, lopen in colonne over straat. Het strand is er niet minder druk
om.
Bier. Het Oekraïens bier smaakt goed. Heb nu even mijn favoriet Warsteiner
gevonden. Er zijn vele soorten Oekraïens bier. In een doorsnee winkel is het
moeilijk Cola of Fanta te vinden. De schappen zijn gevuld met bier, wodka en
andere sterke dranken.
Wodka. Als je na het eten nog even een wodka wil drinken is het zeer
moeilijk de hoeveelheid aan te geven. Duim en wijsvinger 5 centimeter uit
elkaar geven mijn maat voor een glas aan. Vandaag krijg ik een karaf, 5
centimeter hoog gevuld.
PleeCultuur. Bij de meeste cafés of restaurants, behalve natuurlijk de
upperclass, zijn geen toiletten. Als ik naar het toilet vraag, neemt de ober
me mee naar een openbaar toilet. Hij betaalt de 50 kopeken en ik mag naar
binnen. Overigens zeer schone toiletten.
Ga je alleen, let op, eerst betalen anders schreeuwen ze je de oren van de
kop. Het wisselgeld ligt netjes klaar als je uitgepiest bent.
Vuilniscultuur. In de (grote) steden wordt constant geveegd, Meestal door
oudere vrouwen. ’s Morgens bij het eerste daglicht zijn ze al bezig. Buiten
de steden flikkeren ze alles eenvoudig weg. Honderden, duizenden plastic en
glazen flessen langs de kant van de weg.
Zaterdag 3 september 2005 | Yalta – Sebastopol (92 km)
|
Mooie tocht vandaag. Prachtige uitzichten over de Zwarte Zee. De weg
klimmend en dalend, maar vandaag blijf ik in het zadel.
Sebastopol is een joekel van een stad. Fiets maar rechtdoor totdat ik het
zat wordt. Vraag waar ik het hotel kan vinden, ben al aardig in de richting,
maar moet nog een kwartier voordat ik bij hotel Sebastopol ben. Een
ouderwets, maar zeer mooi hotel uit de Russische tijd, voor de hoge
militairen bedoelt.
Het gehele Sebastopol was in de Russische tijd verboden
gebied; marinebasis. En dus nog weinig toeristisch ontwikkelt.
Onderweg kom ik de eerste fietsende vakantiefietsers tegen. We fietsen in
tegenovergestelde richting in een donkere tunnel en haasten ons er zo snel
mogelijk weer uit te komen. Geen tijd voor een praatje dus.
Zondag 4 september 2005 | Sebastopol – Yevpatoria (102 km)
|
Punctueel om 06:00 uur vertrekt de veerboot over de “Zuid Baai” richting
noorden. Sokken en fleece vandaag voor het eerst aangetrokken. Als ik uit
het hotel vertrek bedenk ik opeens dat het zondag is. Zou de boot welgaan?
Yes.
Het is kouder geworden; 12-16 graden ’s nachts 22-27 overdag, volgens het
journaal.
De eerste uren door licht glooiend landschap. Links de zee en kilometers
lange wijnranken en ook rechts ellenlang druivenstokken. Ze schijnen erg
populair te zijn; overal zie ik bewaking rondlopen.
De zon draait van oost naar zuid achter mij langs. De wind, behalve één dag,
mijn grootste vijand, ook van oost naar zuid, maar voor mij langs, zodat ik
deze constant op de neus heb.
Volgens mij ben ik nog niet downtown Yevpatoria, maar heb wel de tot nu toe
beste kwaliteit / prijsverhouding pension gevonden. Vijfentwintig Euro voor
de kamer, dus ook voor twee personen. Douche, toilet, TV, koelkast en zeer
netjes. Boven een juwelier aan de boulevard straat.
Maandag 5 september 2005 | Yevpatoria – Kransnoperekops’k (120 km)
|
Naast de wegen en steden, staan op de kaart van de Krim ook de bomenrijen
aangegeven. Dit misschien om aan te geven dat er toch wel enige afwisseling
bestaat ; >).
Vandaag weer een ‘gevecht’ tegen de saaiheid, wind en pijn aan mijn kont.
Nooit last van gehad Nu een stuk of zes ontstoken haarvaten. Laat alle haar
van mijn kont laseren. (geen ;>) )
Hotel Fantasia. Mooie kamer, 12 Euro. Alles er op en eraan. Plus zeer
vriendelijke bediening op de receptie (geen woord Engels) en op het terras.
Nog geen twee jaar geleden moest je als Westerling in ditzelfde hotel het
tienvoudige betalen. Op dit moment is verdere renovatie in volle gang.
Ik heb nu toch vaker het Russische woordenboek nodig. In de wat grotere
restaurants mag je niet in de pannen kijken. Dus samen met de frivole
bedienster, die ook geen woord Engels spreekt, nemen we het halve hoofdstuk
door. En, de bestelling wordt geplaatst.
Een kleine wodka na het eten bevalt me steeds beter. Echter ook deze keer
krijg ik weer een halve karaf. Yow. Drink een paar glaasjes en geef de rest
aan de renovatie bouwvakkers. Als ik later terugkom wordt mij gevraagd waar
de karaf gebleven is. Het wordt een komisch tafereel, eerst mij duidelijk te
maken dat het om de karaf gaat. Deze keer speelt ook de bedienster het mime
spel fantastisch mee. Daarna ben ik aan de beurt, het lukt mij te vertellen
dat de wodka voor mij teveel was en dat ik de rest aan de bouwvakkers
gegeven heb.
Probeer stiekem twee mooie oudjes op de foto te zetten, lukt me niet echt.
Dan vraag ik ze. Oké. Hij verteld van Stalingrad, versta de rest niet. Geef
ze de hand en ga verder. Even later roepen ze mij terug, ze willen graag
zelf ook de foto hebben, Dobre (goed), maar hoe. We gaan een café binnen en
ik vraag de bedienster hun adres op te schrijven. Ze schijnen geen adres te
hebben. Ik spreek af, dat ik de foto’s binnen vier weken naar het café zal
sturen. De man begrijpt het. Ik hoop dat ze de foto’s ook zullen ontvangen.
Voor mijn ontbijt koop ik in een klein winkeltje wat yoghurt. Naast de
elektrische kassa staat nog een oud telraam. Ik vraag de verkoper of ze het
telraam wil verkopen. Bied op het laatst 50 Hryvna (8 Euro) . Neen zegt ze.
Maar wacht, ze verdwijnt naar achter en komt terug met een groter telraam.
Alles computers, zegt ze. Geld weigert ze pertinent aan te nemen.
Dinsdag 6 september 2005 | Kransnoperekops’k – Kherson (152 km)
|
Na zeven uur fietsen ben ik op de brug over de Dnepr. Een uur
later, de hele stad rond langs de rivier heb ik een hotel gevonden. Een
‘oud’ Intourist hotel. Kamer en prijs niet slecht.
Omdat ik de route wat ingekort heb, te weinig dagen, de gehele dag langs een
drukke weg. Deze keer langs een irrigatiekanaal met een leuke bosrand.
Het heeft totaal geen uitstraling, de ober tienmaal minder, maar als ik in
een Intourist hotel ben, wil ik ook wel eens het restaurant proberen. Het
eten staat nog niet op tafel, maar kan nu al aanbevelen even het centrum in
te lopen, vijftigmaal aangenamer.
Woensdag 7 september 2005 | Kherson – Mykolaiv (99 km)
|
Bij Kherson langs de Dnepr naar het zuiden. Bij de Zwarte zee
rechtsaf, en bij de rivier Buz’kyi lyman weer rechtsaf. Althans volgends de
kaart. Van het water zie ik niet veel, maar wat ik zie is prachtig. Op de
Dnepr en de velden ligt een dikke laag nevel. Koud erg koud, maar een
prachtig gezicht. In de dorpen word ik weer even omarmd door een smoezelige
warmte.
Ik ben weer in Mykolaiv, nu met een omweggetje. Prachtige rustige weg. Na 50
kilometer wordt het wel erg rustig. Ja hoor, 15 kilometer onverhard,
verkuild met veel losse stenen bedekte zandweg.
Na 80 kilometer ben ik in Mykolaiv. De stad is echter zo groot, dat ik drie,
vier keer denk weer buiten de stad te zijn. Ik volg richting Odessa. Ik weet
dat er maar één brug over de rivier is. Na nogmaals 20 kilometer vind ik het
oude hotel terug. Hello Leeuw.
Gelijk de fiets achter in de tuin. Wilt u
bier? Ze kennen me direct weer. Er is een privé feestje aan de gang, maar ze
hebben nog voor mij nog een achterkamer over.Vier vrouwen spreken mij met
Leeuw aan; ik dacht dat de er de vorige keer maar één gastvrouw was. De naam
“Hotel” is inmiddels gewijzigd van het Russisch in het Oekraïens. Grote
reclame verlichting om de boom in de tuin. Is het een hoerenkast? Maakt ook
niet uit vriendelijke mensen en een goede kamer.
Onderweg in veel kleine dorpen zie ik mannen en vrouwen met onder andere
“BOSS” plastic tassen, maar nergens een winkel te zien. Tot ik in Kherson
het ‘geheim’ ontdek. In een winkel kun je plastic tassen van alle bekende
design merken kopen.
Donderdag 8 september 2005 | Mykolaiv – Odessa (140 km)
|
De laatste rit. 140 km. Één lekke band vandaag. Mijn kont is een ruïne.
1700 kilometer gefietst, de spaken hebben het op de slechte en zeer slechte
wegen alle goed doorstaan.
Odessa is al een stuk rustiger geworden. De temperatuur is nog heel oké, zit
lekker op een terras. De toeristen zijn verdwenen met hun de
verkoopstalletjes langs de straatkant.
Vandaag speel ik de ‘miljonair’ . Elk mens dat ik in een vuilnisbak zie
snuffelen geef ik vijf Hryvna, ongeveer 80 cent. Eigenlijk nog veel te veel,
ik weet het. Je krijgt er echter aangename dankbare grijnskoppen voor terug.
Een foto van jezelf laten nemen in een VW cabrio kost ook ik vijf Hryvna.
Vrijdag 9 september 2005 | Odessa - Düsseldorf
|
Met een rottrap probeer ik de fietspomp van mijn fiets te krijgen. De douane
wil weten wat het is. Vertel hun dat de pomp op slot zit. Hij blijft
aandringen. Als ik er een paar fikse schoppen tegen geef is hij opeens
overtuigd.
De stemming ziet er bij mij goed in.
De bagage wordt driemaal doorgelicht. Tweemaal wil men ook de fiets erdoor.
Past natuurlijk niet. Toch blijven ze een tijdlang wurgen.
Bij het inchecken moet ik opeens 187 dollar extra voor de bagage betalen.
Betaal ik niet zeg ik nadrukkelijk. Dertig Euro is de afspraak met Austrian
Airlines, die ik zwart op wit heb. Maar u vliegt nu met Ukrain Airlines.
Niets mee te maken, ik heb zaken gedaan en betaald aan Austrian Airlines.
TIP, VLIEG NOOIT MET AUSTRIAN AIRLINES. Ze hebben slechte of geen afspraken
met de maatschappijen waarmee ze samenwerken.
De incheckdame blijft beleefd, ik ook, met moeite. Ze roept er een ander
beambte bij. Nogmaals hetzelfde verhaal. Hij zal proberen zijn manager te
overtuigen. Na tien minuten komt hij terug met een lieftallige jongedame. Om
‘boze’ reizigers te overtuigen worden vaak ‘onschuldig’ uitziende dames
ingezet. Ik trap er niet in. Nogmaals krijg ik hetzelfde verhaal te horen.
Ik begin boos te worden. I don’t care a fuck! I fly with Austrian Airlines.
Vraag of we nog in het oude Rusland zijn waar ze de toeristen zoveel
mogelijk proberen uit te melken.
Toch vertel ik haar ook dat het niet persoonlijk bedoeld is. Gelukkig
begrijpt ze het.
Een beetje rebellie helpt toch wel. Ik heb de 187 dollar teruggebracht naar
60 Euro, nog 30 te veel. Maar ja, je kunt niet alles hebben.
Het gehele inchecken is sowieso een rommeltje. Een oude heer ziet zijn
koffer zonder label op de band vertrekken. Als hij bezwaar maakt, no problem,
no problem. Boos loopt hij weg.
De taxichauffeur haalt me netjes op tijd bij het hotel af. We babbelen leuk
in het Engels. Europese Unie hoeft hij niet. Van hem mag Rusland weer
terugkomen. Hij was kapitein in het Russische leger en had daar een goed
leven. Goed salaris, nu een klein pensioen en als bijbaan taxichauffeur voor
het hotel. Vroeger, vroeger dronk ik gemakkelijk twee flessen wodka per
avond, nu nog maar één. Vraagt hoe laat mijn vliegtuig vertrekt; even een
boodschap doen. Shit. Komt gelukkig later snel terug met een volgens hem
goede fles wodka die hij mij als cadeau meegeeft. Op het vliegveld helpt hij
mij netjes met mijn bagage, dat is daar wel nodig ook, want ze kennen er
geen bagagewagentjes.
Op de tussenstop in Wenen, loop ik nog even naar de balie van Austrian
Airlines. Leg hun de zaak van het betalen van de fiets voor en wijs op de
afspraak die ik met hun gemaakt heb. Knoerthard zegt ze dat elke
maatschappij haar eigen regels heeft en dat ik maar bezwaar moet indienen.
Zal ik doen, maar heb er weinig vertrouwen in.
Ik vind het nog steeds een vreemde zaak; hoeveel een gemiddelde Nederlander
van een buiten buitenland afweet. Is het wel veilig in Oekraïne? Is er geen
oorlog? Is er geen maffia? De gehele drie weken heb ik mij geen enkel moment
onveilig gevoeld. Ook niet toen ik de klap voor mijn kop kreeg. Onveilig in
het verkeer? Af en toe een paar (zeer) gevaarlijke momenten meegemaakt, maar
waar heb je dan niet?
Éénmaal een land slecht in het Nederlandse nieuws en het blijft de mensen
schijnbaar zeer lang bij. En wij Nederlanders die zo graag aan armoede
acties geven! Waarom gaan we bijvoorbeeld niet naar Oekraïne, wij hebben er
zelf plezier van en kunnen de mensen eenvoudig helpen door ons geld daar te
spenderen. Wel aub in het oog houden dat er zoveel mogelijk bij de ‘gewone’
burger gekocht, gegeten en geslapen wordt.
Oekraïne, het grootste land dat geheel in Europa ligt. Frankrijk heeft meer
inwoners, Oekraïne meer oppervlakte.
|
Nederland |
Oekraïne
|
Frankrijk |
Oppervlakte |
41.528 km² |
603.700 km² |
547.030 km² |
Aantal inwoners |
16,3 miljoen |
48 miljoen |
60 miljoen |
Aantal inwoners per km² |
480 |
83 |
112 |
Hoofdstad |
Amsterdam |
Kiev |
Parijs |
Aantal inwoners |
736000 |
|
|
|
|
|
|
Apeldoorn september 2005
Wim Leeuw
|